Meters

Ga naar handopname meters | telemetrie meters

Meter eigenschappen

Type meter

Een meter wordt aangemaakt met het rechtermuisklik- menu vanuit een aansluiting. In basis zijn er twee soorten meetreeksen:

  1. Meetreeksen met per vast interval een waarde. In Enerlyser kan worden gekozen voor 5 minuten, kwartier of uur.
  2. Meetreeksen met een variabel interval.

Het noteren van de waarden gaat eveneens op twee manieren

  1. Verbruiken,
  2. Meterstanden; het verbruik wordt bepaald door de huidige waarde van de vorige waarde af te trekken. Dit lijkt omslachtig maar heeft twee voordelen: (1) ook bij een stilstaande meter zonder verbruik krijg je een getal binnen, weliswaar altijd een constant getal. Dit is prettiger dan om een '0' binnen te krijgen zoals bij verbruiken omdat je dan nooit zeker weet op het ophalen van de waarde wel goed is gegaan. (2) als een keer een stand verloren is gegaan klopt nog steeds het totaal, je bent alleen wat detail kwijt. Bij verbruiken is door een verloren waarde het totaalverbruik te laag.
Als eenmaal meterstanden aanwezig zijn bij een meter kan het type niet meer worden aangepast. In sommige gevallen is dit onhandig; stel dat bij een handopname meter achteraf toch het 'kWmax' veld nodig is, dan wil je niet alle waarden overtypen. Ditzelfde geldt bij een enkeltariefmeter die achteraf dubbeltarief is. Daarvoor is bij werkbalk 'Instellingen', 'Algemene instellingen' de optie 'Verminderde wijzigingsbeveiliging'. Wordt deze aangevinkt, dan kan alsnog het metertype worden gewijzigd. Gebruik deze functie met beleid! De volgende keer dat u Enerlyser opstart staat het vinkveld 'Verminderde wijzigingsbeveiliging' vanzelf weer uit.

Telemetrie

Meters met een vast interval hebben we in zes varianten: drie intervalperioden en verbruik of meterstanden. Deze zijn herkenbaar aan de tekst 'Telemetrie' Omdat het om veel waarden per jaar gaat (bij vijf minuten interval meer dan honderdduizend) slaat Enerlyser de getallen efficient op in blokken van 24 waarden. Bij telemetrie meters moeten veel waarden worden verwerkt, maar is het rekenwerk (door het vaste interval) relatief simpel.

Enkel/ dubbeltarief

Bij meters met een variabel interval moeten we bij elektriciteit vaak twee waarden opslaan: hoogtarief verbruik en laagtarief verbruik. Bij grootverbruik meters komt daar de kWmax van de maand nog bij. Bij gas en andere energiesoorten gaat het om één getal per periode. Bij deze enkel- en dubbeltarief meters is de situatie net anders dan bij de telemetrie meters: het aantal waarden is beperkt, maar het rekenwerk is complex.

Telemetrie onregelmatig interval

Helaas hebben we bij automatische meters van sommige gebouwbeheersysteersystemen het probleem dat de meetreeksen een interval van 8 minuten hebben, waardoor bij een overzicht per uur per oneven uur geinterpoleerd moet worden tussen waarden (nl tussen 56 en 64 minuten). Het aantal waarden is groot en het rekenwerk is ook uitgebreid. Daarom is voor deze meters een aparte tabel in de database aangemaakt zodat het grote aantal meetwaarde niet het zoeken in enkeltarief en dubbeltarief meetwaarden vertraagd.

Aantekeningen/ opmerkingen

Aantekeningen zijn zichtbaar in de boomstructuur, opmerkingen niet.

Rekenfilter

Afhankelijk van de regio in Nederland; Noord-Brabant/ Limburg of overig, start het avondtarief op 21:00 uur of om 23:00 uur (in dat laatste geval wordt het nachttarief genoemd). Merk op: rekenfilter 'Gasdag' gedraagt zich in deze versie nog hetzelfde als 'Enkeltarief'

Vanaf/ tot

De begin- en einddatum van de meter. Het is goed gebruik bij meerdere meters de perioden aansluitend te laten lopen. Als meerdere meters tegelijk aktief zijn worden de verbruiken opgeteld.

Een situatie waar dit wenselijk is, is bij een aansluiting waar om technische redenen twee transformatoren zijn geplaatst. Vanwege meterkosten wordt in 95% van de gevallen aan de laagspanningszijde van een transformator gemeten. De meetwaarden van beide meters moeten nu eerst worden gesommeerd voordat de kWmax van de grootverbruik (MS-Distributie) aansluiting kan worden bepaald.

Merk/ Meternummer/ Locatie

Dit zijn invoervelden zonder verdere afhankelijkheden.

Vermenigvuldigingsfactor

Bij een aansluiting tot 3x80A gaat alle stroom direct door de meter. Bij grotere aansluitingen wordt de stroom indirect gemeten via een magnetisch veld en een stroomspoel. In dat geval is vaak sprake van een overdrachtsverhouding van bijvoorbeeld 10, 25, 40 of 100 die in dit veld kan worden ingevoerd. Ook bij het eerder genoemde meting aan de laagspanningszijde van een transformator wordt een extra factor gerekend voor de niet gemeten transformatorverliezen. Vaak wordt hier 1,013 (1,3%) voor genomen. Voor factoren die wisselen in de tijd, zoals de calorische correctie voor gas, dient deze waarde niet te worden veranderd, maar een correctiefactor te worden aangemaakt.

Nuldoorgangstand/ maximale terugloop

Beide velden zijn van toepassing op meterstanden, niet op verbruiken. Bij meterstanden heb je op een gegeven moment te maken met een 'klokje rond' situatie. Stel dat een meter vijf cijfers heeft, dan is een zesde cijfer dat anders de 100000 aangeeft niet aanwezig. Het lijkt alsof de meter op 00000 staat. Ter verduidelijking enkele situaties:

  1. De eindstand is 59000, de beginstand is 57500. Het verbruik in de periode was 59000-57500 = 1500.
  2. Klokje rond situatie. De eindstand is 00500, de beginstand is 99500. Het verbruik lijkt 00500-99500 = -99000. Dit getal is negatief en we zien maximaal 5 cijfers, dus tellen we er een 1 met 5 nullen bij op: 100000+00500-99500 = 1000.
  3. Foutieve klokje rond situatie. De eindstand is 57500, we hebben zonnepanelen en de beginstand is 57501. Het verbruik lijkt-1. Dit verbruik is negatief dus we tellen er weer 100000 bij op. Het foutieve verbruik is 99999.
  4. We hebben een (ouderwets) systeem dat telt met machten van 2; bij 65536 (2 tot de macht 16) gaat het systeem klokje rond. Automatisch rekenen het aantal cijfers gaat nu niet correct.

Om aan situatie (4) tegemoet te komen kan het 'klokje rond getal' - één meer dan het maximale getal - worden ingegeven in het veld nuldoorgangstand. Om aan situatie (3) tegemoet te komen kun je aangeven welk getal (zonder - teken) maximaal nog als terugloop mag worden gezien. Vullen we hier 1000 in, dan worden zowel situatie (2) als (3) correct behandeld.

Metercode

Hier staat een code (tekst en getallen) die gebruikt wordt om automatisch de standen of verbruiken op te halen.

Handopname meters: meterwaarden invullen

Dubbelklik op de meter in de boomstructuur om het scherm om meterwaarden in te vullen te tonen (rechtermuisklik-menu 'Meterstanden...' kan ook). Bij verbruiken zien we de tot-datum, het datumstempel en de ingevoerde waarden. Bij standen zien we rechts een rapportage die het verschil uitrekent met de vorige stand. Dit werkt als alle tot data in oplopende of aflopende volgorde staan, maar niet bij willekeurige volgorde, zoals in dit voorbeeld bij het blauwe veld wordt getoond. Bij invoer is sorteren op datum niet nodig. Na een druk op 'OK' en heropenen van het scherm staan alle 'tot' datat gesorteerd.

Een nieuwe regel voor invoer kan worden toegevoegd met 'pijl naar beneden' op het toetsenbord wanneer de onderste regel geselecteerd is. Met de 'Voeg toe' knop kun jenaar wens meerdere regels toevoegen. Die komen onder de regel die geselecteerd is, of onderaan als geen regel geselecteerd is. Als van veel handopname meters een enkele stand moet worden ingevoerd is het handiger gebruik te maken van meterkaarten.

Bedenk dat bij berekeningen de laagste van kwaliteiten die bij de berekening betrokken zijn de kwaliteit van het resultaat bepaalt. Voor meterstanden is het logisch dat een geschatte stand zowel kwaliteit van de resultaten van de meting ervoor als erna bepalen; de waarde is immers betrokken bij beide verschilberekeningen. Bij verbruiken is dat eveneens het geval en dat voelt minder intuitief; al is het verbruik onafhankelijk van de vorige waarde; de tot-datum van de vorige datum is dat wel. En ook die 'tot' datum heeft het meebepalende kwaliteitlabel.

Telemetrie meters: meterwaarden invullen

Telemetrie meterwaarden worden normaalgesproken in Enerlyser automatisch ingevuld. Er zijn verwerkprogramma's (parsers) voor:

Merk op: bestaande verwerkprogramma's kunnen zonder meerkosten worden gebruikt. Nieuwe verwerkprogramma's die algmeen toepasbaar zijn worden tegen gereduceerd tarief op verzoek gemaakt.

Ook bij telemetrie meters kunnen we handmatig standen of verbruiken toevoegen of aanpassen.

Toevoegen

De eerste stap is dezelfde als bij handopnamemeters: dubbelklik op de meter in de boomstructuur om het scherm om meterwaarden in te vullen te tonen. Wanneer geen, of hooguit één regel geselecteerd is klikken we op 'Bewerk'. Nu verschijnt een scherm waarmee we aan het begin of aan het eind standen kunnen toevoegen of verwijderen. Merk op: omdat dit reeksen met telemetrie-waarden zijn, zijn alle tussenliggende waarden al aanwezig.

Bewerken: kopiëren/ plakken

Kopieer de cellen van de bron; meestal zal dit een Excel zijn. Noteer daarbij zorgvuldig wat de eerste datum is en kijk of het interval klopt.

Selecteer de eerste cel waar de gevens naar toe moeten en druk op plakken (toetscombinatie ctrl-v of knoppen op werkbalk 'Standaard' of 'Bewerken'). Bedenk dat dit om grote hoeveelheden gegevens gaat: reken op ongeveer 15 seconden wachten voor een jaar aan kwartierdata (34.000 waarden). Druk op OK.

Bewerken: enkele waarden aanpassen

Selecteer een cel en verander de waarde, dit kan met intypen of met kopiëren/ plakken. Bij de invoer van het kwaliteitlabel is het het meest praktisch de getalcode in te voeren. nagenoeg altijd volstaan 0: onbrekend, 2: prognose, 4: interpolatie of 5: definitief.

Wanneer op de schuifbalk op de pijltoeten (1 en 4) wordt geklikt, is één regel eerder of later zichtbaar in het raster. Wanneer tussen de schuif en de pijltoetsen wordt geklikt (2 en 3) wordt een volledige 'bladzijde' van het raster eerder of later getoond.

Met de datumselectie kan snel naar een gewenste regel worden gesprongen.. De regel met het ingegeven 'Tot-moment' wordt getoond. De datum kan worden ingevoerd met het datum menu (klik op driehoek naar beneden rechts van de datum) of vanaf het toetsenbord. In dat geval kan niet alleen met de muis, maar ook met ctrl-<pijl rechts> op het toetsenbord de dag, maand, jaar of tijd worden geselecteerd.

Meterreset

Wanneer de meterstand een sprong maakt en de berekening tussen twee standen moet worden genegeerd, dan voegen we bij de laatste stand het kwaliteitlabel '9: Reset' toe.

Bewerken: een periode interpoleren

Bij meterstanden kunnen we een tussenliggende periode invullen met een schatting van waarden. Bij handopname gebeurt dit vanzelf, bij telemetrie zijn alle tussenliggende waarden aanwezig en deze staan nog op '0: ontbrekend'. Bij een periode met ontbrekende meterstanden weten we het totaalverbruik van de periode nog wel: dat is immers de laatste meterstand minus de eerste meterstand. De tussenliggende waarden kunnen gelijkmatig invullen (lineaire interpolatie) of volgens een historisch patroon. Bij telemetrie reeksen met verbruiken kunnen we ook ontbrekende waarden invullen op basis van historie, maar dan blijft het totaalverbruik altijd een schatting.

Selecteer de periode met de laatste stand die nog aanwezig is, houdt de shift knop ingedrukt en selecteer de eerste stand na de ontbrekende waarden. Druk nu op de knop 'Bewerk'. Als drie of meer waarden geselecteerd zijn verschijnt een ander scherm dan wanneer minder dan drie waarden geselecteerd zijn.

De eerste en laatst geselecteerde waarde blijven ongemoeid. Wordt bij meterstanden gekozen voor lineaire interpolatie, dan zijn zijn alleen de eerste en laatste waarde van belang, niet de historie. In alle andere gevallen zal het rekenalgoritme het volgende doen:

Er wordt een reeks aangemaakt waar precies de waarden van een week in passen: dus 7 x 24 waarden bij uurinterval, 7 x 24 x 4 waarden bij kwartierinterval en 7 x 24 x 12 waarden bij 5 minuten-interval. Tot 5 weken voor de datum van de eerst geselecteerde waarde wordt de datareeks uitgelezen. Staat hier een waarde met kwaliteit 5 (definitief) of hoger, dan wordt deze opgeslagen. Dit wordt per interval van de dag en dag van de week gedaan, waarbij uitgegaan wordt van kloktijd. In het meest gunstige geval worden 5 waarden gevonden per interval en telt ieder van die waarden voor 20% mee. Als er van een bepaald moment helemaal geen waarde aanwezig is verschijnt een waarschuvwing na het klikken op 'OK', waarna alsnog kan worden gekozen het invulproces af te breken.

Bij interpolatie met een historisch patroon (alleen mogelijk bij meterstanden) wordt de historie gebruikt om een verdeling te maken over de niet-ingevulde meterstanden, zodanig dat het totaal precies het verschil over de laatst en eerst geselecteerde stand is. De standaard ingevulde kwaliteit is 'interpolatie'. Bij verbruik volgens een historisch patroon worden de gemiddelde standen zelf gebruikt. Dat verbruik is een schatting; de standaard kwaliteit is 'prognose'.

Merk op: omdat we het week-per-interval patroon maken op basis van kloktijd, is de berekening van prognose of interpolatie standen minder geschikt voor processen die op basis van werkelijke tijd (altijd wintertijd) plaatsvinden, zoals het aan- en uitgaan van openbare verlichting. Als de historische periode van vijf weken binnen zomertijd of wintertijd blijft is dit geen bezwaar, maar bij een overgang van wintertijd naar zomertijd of andersom leidt dit tot een voor deze toepassing foutieve berekening van verbruiken.

AlgemeenBediening Boomstructuur WerkbalkenStandaard grafiek/tabelMaatwerk grafiek/tabelMetercontroleSchaduwfacturenFactuurcontroleBegroting Energiemarkt